
Sunday, May 3, 2009
15 going on 16

Aly & AJ - "Something More"
Origineel
Remix
Akoestisch
Live
De gulden middenweg: Een uitstekende live (?) uitvoering met prima funky wegploppende sessiemuzikantenband à la de originele versie maar met wat hardere gitaren zoals in de remix. Vocaal spot-on en in tegenstelling tot de akoestische versie zijn de refreinen hier volledig meerstemmig. En check vooral ook even het Beverly Hillbillies familiekiekje op 2:58:
Monday, April 27, 2009
It's catching on

Gheh.
Nu het b-woord toch weer is gevallen, onze favoriete Go-Go-dolls KSM hebben opnieuw twee liedjes uitgepoept, voor de verandering eens wat meer 'meh' dan 'yeah' jammer genoeg: Eén keer No Doubt en één keer powerballad. Gelukkig beloven liveleaks van nóg drie andere tracks (doorklikken alleen voor de diehards!) weer veel goeds; vooral "Saturdays Sundays" krijgt bonuspunten vanwege de scandeer-in-één-van-je-liedjes-je-eigen-bandnaam factor.
Overigens kunt u al deze hete nieuwtjes voortaan ook gewoon zelf genereren via x_hiram_x's reuze handige en volledig om niet aangeboden lijstje met bpop-links; even doorscrollen en naar links blijven kijken s.v.p.
Daar bemerkt u dan ondertussen wellicht ook het lemma 'kindamuzik'. Sinds een maandje of twee schrijft onze medewerker van het eerste uur Thijs G. immers voor dit zojuist tien jaar geworden online muziektijdschrift en het is wel zo netjes om u, de trouwe lezer, hier ook even van op de hoogte te houden middels onze sidebar. Hij heeft het er maar druk mee onze Thijs, want bij De Subjectivisten verscheen onlangs ook nog een concertrecensie van Marit Larsen van zijn hand!
Nog meer heuglijk nieuws tot besluit: Huize Hiram krijgt er binnenkort een nieuwe bewoner bij, en wát een poepie is het:
Een zwart/wit gestreept Noors boskatertje, dus. U mag drie keer raden hoe wij hem gaan noemen. Het rijmt op Penriz.
Thursday, April 9, 2009
The Clarkson

My Life Would Suck Without You
I Do Not Hook Up
Don’t Let Me Stop You
If I Can’t Have You
Whyyawannabringmedown
Eerste AI auditie: "SCORE!"
Sunday, April 5, 2009
Venetian Snares @ Patronaat
De opkomst van mijn leeftijds- en haarlengtegenoot Aaron Funk uit Winnipeg is retecool. Een uur te laat komt hij uit die rare Kleine Zaal liftdeur het podium opgestiefeld, rugzakje om, spaatje blauw in de hand, lange blonde manen voor het gezicht. Laadt wat spulletjes uit, zet drie pijpjes bier op de draaitafel, kijkt eens omhoog naar de DJ, steekt een flauw handje op naar het joelende publiek en WHOOMPFF. Gáán. Hij doet de volledige set op gabber BPM in zevenkwarts. 1234567 tellen dus. Maakt ook niet uit, twee keer zeven in hoog tempo wordt alras weer veertien en daarmee dansbaar. Maar dan moet je dus geen drummer zijn… Meetellen, hè, de he-le tijd. Ik geraak er maar niet in. Dansende drummers, dat is ook eigenlijk als een pusher die niet van z'n eigen dope kan afblijven; slecht plan. Vind het eerlijk gezegd ook sowieso veel leuker op de koptelefoon, die drill ‘n’ bass van ‘m. Als je er met je iPod mee over straat loopt heb je voortdurend het gevoel dat je ineens door een auto van je flikker wordt gereden of dat er een vliegtuig aan de voor mij verkeerde kant van het Rottepolderplein aan het neerstorten is. In zevenkwarts. Checkt u allen toch vooral Rossz Csillag Alatt Született, en als u dat leuk vindt mag u door voor gevorderdenshit als Winnipeg Is a Frozen Shithole.Friday, March 13, 2009
Monday, March 9, 2009
Bpop: OMG WTF KSM FTW!
Dit Californische kwintet, KSM dus, kwam al een paar keer eerder ter sprake en het duurt werkelijk een eeeeeeuwigheid voor dat album uitkomt, maar hot damn, het lijkt er inmiddels wel verdraaid veel op dat dit de eerste Disneydames gaan zijn die echt full on Andrew WK on our asses gaan worden. Die gitariste is trouwens sowieso echt way2cool, ze lijkt dan ook akelig veel op Mrs. Hiram. Hou je vast voor liedje 3 en 4:Sunday, March 8, 2009
Tuesday, March 3, 2009
Bloodbath: De 2 Unlimited Van De Death Metal
Neem bijvoorbeeld “Treasonous” , een nummertje dat, zoals wel vaker het geval is op The Fathomless Mastery, gitaarsgewijs een kunstig bijelkaargejat midden vindt tussen Morbid Angel, black metal en goeie ouwe Zweedse death, inclusief opzichtige hall-of-fame-Entombed-riff rip-off in het refrein (overigens ook de eigenlijke reden waarom die ‘gitaar die uit zichzelf geluid maakt’ zo goed klinkt). Qua drums giert de spreekwoordelijke stront je echter al vanaf de ventilator tegemoet als het intro nog maar halverwege is, wanneer “Axe” onder de zwartgeblakerde tremolo picking riffs van een ratel in drieën overschakelt (op 0:13) naar een nog net effe snellere vierkante recht-zo-die-gaat blastbeat. Soit, die is eigenlijk gewoon puur voor de show, maar hij gaat wel echt voor goud meteen na het refrein, als de gitaren de bijna shuffelende groove metal riff van het eerste couplet weer inzetten (0:56), en Axe, tussen de zang door, tot drie keer toe doelbewust dwars tegen de ‘swingende’ gitaren in zijn straight blasts (eerste keer) en polka’s (tweede en derde keer) doorspeelt, om zich bij de vierde en laatste keer weer comfortabel in de slepende groove-in-drieën van de rest van de band te settelen. Deze incongruentie van de drums en de gitaren, die een soort ‘harkend’ effect teweegbrengt, is een mooi voorbeeld van wat metalheads ‘ziek’ plegen te noemen, een door Morbid Angel gepionierd gevoel/geluid/principe, dat op deze plaat in de meest elementaire vorm ook nog eens prachtig wordt gedemonstreerd door de zak-aardappelen-van-de-trap-rollende basdrums onder de slijmerig groene openingsriff van “Mock The Cross”. Van die dingen waar je je met louter wit gevulde oogkassen bij voorstelt, weet je wel? Maar nog even terug naar “Treasonous” want het vetste moet nog komen. Na het tweede refrein wordt het bovengenoemde stukje nog eens gespeeld, gevolgd door een wat obligaat sologedeelte en nogmaals het refrein; maar dan (3:37) volgt de bonus riffage, altijd een van mijn favoriete onderdelen van goede metal, wanneer de band, als het nummer er eigenlijk al min of meer op zit, nog even kort gaat stoeien met de hoofdbestanddelen van het liedje en er met behulp van een paar welbekende stijlfiguren (die de benaming ‘riff’ niet echt verdienen) een speels einde aan breit: System overload gitaar squeals, monotoon gedender, gruntje doet ook nog even gezellig mee en in extremis (3:48) om het helemaal af te maken weer dat jakkerende gehark met die op zichzelf doorspelende drums … het duurt maar twee tellen maar o, o, o, Gezegend Zijn De Zieken.
Soortgelijke fijne spielerei (nogmaals, het betreft hier een hobbybandje van door de wol geverfde death metal veteranen) horen we ook weer terug in het coda van “Process Of Disillumination”. Dit nummer vertoont in het begin het kleine doch terugkomende euvel op The Fathomless Mastery van death metal riffs die weliswaar solide maar toch ook wel tamelijk pedestrian zijn, maar gaandeweg blijkt dat er louter sprake is van zorgvuldige opbouw en het niet meteen al je kaarten op tafel willen leggen. Bovendien wordt het nummer, zoals eigenlijk de gehele plaat, meteen al zonder meer gedomineerd door de vocalen van Åkerfeldt. Met Opeth krijgt hij al jaren een hoop kritiek te verduren van de kvlt-brigade, maar je zou bijna vergeten wat een top notch grunt hij in huis heeft: Bovenal autoritair als de Morgenster Zelve, maar ook redelijk verstaanbaar (wat in dit geval vanwege de, zeker in het licht van Opeth, extreem over the top blasfemische teksten absoluut van toegevoegde waarde is) en bijzonder sterk qua timing en ritmiek. Let in dit nummer bijvoorbeeld eens op de twee “eternal winter / prince of darkness… rise!” passages en het daaropvolgende geblaf in triolen (vanaf 0:22 en 1:52), of de getormenteerde oerkreten op 1:16, wanneer tevens de eerste echt memorabele riff te noteren valt, waarvoor ik eerder al de adjectieven ‘geleedpotig’ en ‘krioelend’ aandroeg. Dit juweeltje wordt dus in de adembenemende laatste minuut nog even flink opgepoetst: Voorafgegaan door een beproefd staaltje adrenalineverhoging dat geen verdere uitleg meer behoeft (2:17) dient tot onze lichte teleurstelling de ‘solide’ riff uit het eerste couplet zich weer aan (2:42), maar deze wordt nu halverwege abrupt afgebroken door het glinsterende exemplaar uit het insectarium (2;48), dat op zijn beurt weer direct op z’n staart getrapt wordt door de voltallige band, met speciale aandacht ook voor de dissonante bas- / lage gitaarpartij, want ga nou niet denken dat die Katatoniaatjes een stelletje koekenbakkers zijn, hè? Pats, boem, klaar. Masterclass metalliedje arrangeren. Nog vragen iemand?
Voor de liefhebbers is hier nog een zipje met mp3tjes van de drie genoemde nummers, maar pas op, de hierboven vermelde tijdsaanduidingen gelden voor de YouTube-versies. En gewoon de plaat kopen en lekker zelf luisteren mag ook natuurlijk, maar bedenk wel, the devil is in the details.
Bonus riffage:

