Showing posts with label grave. Show all posts
Showing posts with label grave. Show all posts

Friday, October 3, 2008

Ithyphallic Europe Tour @ Patronaat

Vier totaal verschillende death metal bands vorige week in Patronaat in het kader van de Heavy In Haarlem-reeks, die ons volgende maand nog Unleashed en Krisiun, en volgend jaar onder anderen Deicide en Vader gaat brengen; geweldig! Omnium Gatherum speelt op niet onaardige wijze de typisch Finse melodieus-met-toetsen variant voor een nog meer dan halflege grote zaal (komt goed), waarbij meteen het ook de rest van de avond knap volgehouden transparante zaalgeluid opvalt: Beetje meer gitaar had gemogen, maar de drums overheersen in ieder geval niet. Severe Torture uit Boxtel laat maar weer eens zien dat brabo's in een Haarlems decor altijd een bijzonder amusant schouwspel zijn, zoals bijvoorbeeld ook Agua De Annique eerder dit jaar. "Kom op godverdomme, Haarlem de gekstûh!" gilt zanger Dennis Schreurs ons midsong toe en hij kan ook z'n best kalekopheadbangen met de handjes op de dijen; hij heeft wel iets weg van Extince. Verder slacht ST simpelweg, met afstand de beste traditionele meat & potatoes no frills brute maar niet al te technische death metal band van de avond, met een speciale vermelding voor de lekker swingende bounce die drummer Seth van de Loo bij voortduring in zijn blasts weet te stoppen. Toppertje, vindt ook de zojuist straight outta harples aangesloten mrs. Hiram. Grave speelt vervolgens een beetje ongeïnspireerd, zo lijkt het, en het iets te zachte gitaargeluid wreekt zich bij deze Zweedse oldschoolers natuurlijk ook des te meer; we gaan maar eens even wat verder naar voren, want onze favoriete lokatie bovenin bij de bar mag dan zeker niet te verwaarlozen voordelen hebben ten aanzien van het zicht en de dorstlessing, maar het overhangende balkon doet de oren vaak wat tekort, zogezegd. Voorin blijkt het qua geluid nog steeds niet helemaal je dat, maar de content vergoedt veel, zoniet alles en mijn inmiddels ook presente stagiair laat zich zelfs de gewaagde uitspraak ontvallen dat het "wel een goed bandje is, volgens mij, toch?" Dat is het, Leo; maar niet zo goed als Dismember. Nile doet werkelijk precies datgene waarop ik had gehoopt, namelijk een andere dimensie inschieten, de extreme metal voorbij en tegelijkertijd zijn al jaren sluimerende belofte inlossend. Vergeet die circle pit, windmolennek of zelfs maar meetappend voetjes, dit is een kwestie van benen wijd, armen over elkaar en de weldadige geluidsgolven over je heen laten komen. Zo af en toe komt er wel een flard herkenbare riff voorbijvliegen of kun je een licht knikkende hoofdbeweging niet onderdrukken, maar verder is het wat mij betreft gewoon vervoerende, louterende, haast Coltraneëske noisescapism. Het contrast met de traditionele (and then some) podiumpresentatie van de band zorgt bovendien nog eens voor absurdistische comic relief: Zanger Dallas Toler "This next one is all about the phallus!" Wade (rechts) heeft inmiddels zonder noemenswaardige concurrentie de skulletkroon van de naar verluidt recentelijk gekortwiekte Devin Townsend overgenomen, en terwijl drummer George Kollias onverstoorbaar op topsnelheid doorratelt (stagiair Leo denkt bij de eerste paar nummers steeds dat 'de eindroffel' al is ingezet) staat gitarist Karl Sanders liefdevol glimlachend over zijn 'Egyptische' dubbele Flying V gebogen doodkalm te sweep picken (d.i.: scroll naar 2:13) alsof hij een geitje aait op de kinderboerderij, om aan het eind van ieder nummer in perfecte choreografie met de rest van de band de tweepuntige gitaarhalzen/-koppen (?) én rechterpink & -wijsvingers richting publiek uit te strekken. Achterin de zaal biggelt er stilletjes een traan mijn biertje in.

Nile - "The Blessed Dead" (aka "The Pleasant Dad)

Tuesday, September 23, 2008

Dinsdag 23 september

Leuke danwel vervelende bijkomstigheid van de modderige Zweedse gitaarsound is dat je de aanslag van de plectrum (de zogenaamde attack) amper hoort; de gitaar klinkt immers al vaneigens, dus dat geeft een hoop geluidsvervuiling. Als je dan, zoals bijvoorbeeld in Grave's "Stained By Hate" (voorwaar, Amazon previewt precies het goede fragmentje), zo'n mooie kale doch troebele riffdarstellung gebruikt om je liedje mee vlot te trekken, is het slechts gissen naar de BPM totdat de drums ineens hit-the-ground-running-stijl uit de lucht komen vallen. Erg amusant voor de eerste paar keer dat je zo'n liedje hoort. Volgens mij ben je in dit soort gevallen als drummer live puur afhankelijk van visuele aspecten (kijken naar de hand van je gitarist) om goed in te vallen, tenzij je monitormix echt top notch is, en dan nog. Waarschijnlijk volgt de gitarist gewoon de drummer zodra die invalt in plaats van andersom. De definitierijke ping-ping van ride bekkens valt in Zweedse death metal dan ook vaak beter dan de tsj-tsj van de hihat, vanwege het contrast met en het houvast geven aan het gitaarwerk.

Gary Louris en Mark Olson hebben voor het eerst sinds The Jayhawks' Tomorrow The Green Grass weer samen een album opgenomen, Ready For The Flood, en tot eenieders groot plezier komen ze ook nog spelen in de Melkweg op 3 december. The Jayhawks heb ik maar één keer gezien, in Tivoli ten tijde van Sound Of Lies (net zo goed als z'n twee voorgangers in mijn boekje). Olson was al vertrokken en Louris maakte een loei van een powerpopplaat om maar luid en duidelijk met het brave countryrockverleden te breken. Stoer kauwgomkauwend werkte hij zich door de prachtige set heen, een groot contrast met het vriendelijke solo-optreden afgelopen zomer in de kleine zaal van Paradiso (stampvol ondanks de 30 graden buiten), waar hij monter babbelend probeerde zoveel mogelijk Jayhawks-klassiekers in het hem gegeven uur te proppen, naast wat liedjes van zijn halfgelukte soloplaat Vagabonds. Wij mochten de Olson-partijen zingen. Hopelijk nemen ze een band mee in december, maar ik denk het niet. Toch blij als een kind dat ik ze nog samen op een podium mag gaan zien. Overigens, als ik even mag heiligschenden: Ryan Adams is mij liever dan Gram Parsons, en dat gold ook altijd voor The Jayhawks ten gunste van Poco, maar ik draai de laatste tijd erg veel oude Poco LPs (Cantamos, A Good Feeling To Know, From The Inside, de titelloze tweede-ling) en ben inmiddels toch een klein beetje aan het twijfelen gebracht. Een heel klein beetje.