Showing posts with label indie. Show all posts
Showing posts with label indie. Show all posts

Saturday, May 9, 2009

Marit Larsen - "Fuel" (live @ Paradiso)



Dit was, zoals ik al in m'n verslagje schreef, het hoogtepunt van Marit Larsens optreden in Paradiso vorige maand. Blijf dus vooral even hangen tot het slotakkoord :) Wie het over zijn koude, koude hart verkrijgt om voortijdig weg te zappen krijgt trouwens sowieso een levenslange x_hiram_x ban. Grrr...

Anneke van Giersbergen @ Patronaat

Eigenlijk heb ik niet zoveel te melden over Anneke in het Patronaat. Of misschien ook wel (bijvoorbeeld dat ze eigenlijk gewoon dezelfde show doet als vorig jaar met haar band Agua De Annique, die er nu ook weer bij is, maar dan wat akoestischer en met de zanger van het Haarlemse Silkstone als gast, en dat als ze dan grootmoedig een Within Temptation cover doet (godbetert, alsof Paul McCartney een nummer van Badfinger speelt! Maar mooi was het wel…) ze inmiddels ook best een ‘Nighttime Birds’ of een ‘Leaves’ weer eens uit de mottenballen mag halen (dat ze ‘Strange Machines’ niet meer doet, soit), of dat er af en toe wel een heel erg matig ‘skunk alanis’ retro 1990s sfeertje hangt en dat haar stem vreemd genoeg niet geschikt lijkt voor het wat rustiger werk en veel beter vaart bij uitbundige kamerbreed gevleugelde metal, zonder dat dit alles ook maar enigszins afbreuk doet aan het feit dat Anneke de meest innemende zangeres ooit is; we formuleren voorzichtig want mevrouw Hiram leest ook mee) maar ik heb even geen tijd / zin om het een beetje leesbaar leuk te formuleren; immers, ik heb geleerd van mijn Laibach lulverhaaltje én de wekker gaat morgen weer vroeg om tevergeefs een poging te doen kaartjes te bemachtigen voor My Bloody Valentine in de Effenaar. Daarom maar deze intens vrolijkmakende foto die ik van de week tegenkwam van Anneke en een superfan; ik hoor haar moederlijke commentaar zo voor me.

Monday, April 27, 2009

It's catching on


Gheh.

Geen bpop op de bill helaas, maar anderszins zijn er in ieder geval twee erg interessante bandjes te bewonderen volgende week in de Hout: Het L.A. indiedancenoisecombo HEALTH, dat onlangs nog veel indruk maakte op het Motel Mozaïque festival, en Pink Mountaintops, de psychfolkrockband van Black Mountain frontman Stephen McBean. Misschien dat we ons dit jaar dus toch maar weer eens in het zweterige gedrang gaan storten; twee uurtjes, kleine podium, moet te doen zijn.

Nu het b-woord toch weer is gevallen, onze favoriete Go-Go-dolls KSM hebben opnieuw twee liedjes uitgepoept, voor de verandering eens wat meer 'meh' dan 'yeah' jammer genoeg: Eén keer No Doubt en één keer powerballad. Gelukkig beloven liveleaks van nóg drie andere tracks (doorklikken alleen voor de diehards!) weer veel goeds; vooral "Saturdays Sundays" krijgt bonuspunten vanwege de scandeer-in-één-van-je-liedjes-je-eigen-bandnaam factor.

Overigens kunt u al deze hete nieuwtjes voortaan ook gewoon zelf genereren via x_hiram_x's reuze handige en volledig om niet aangeboden lijstje met bpop-links; even doorscrollen en naar links blijven kijken s.v.p.

Daar bemerkt u dan ondertussen wellicht ook het lemma 'kindamuzik'. Sinds een maandje of twee schrijft onze medewerker van het eerste uur Thijs G. immers voor dit zojuist tien jaar geworden online muziektijdschrift en het is wel zo netjes om u, de trouwe lezer, hier ook even van op de hoogte te houden middels onze sidebar. Hij heeft het er maar druk mee onze Thijs, want bij De Subjectivisten verscheen onlangs ook nog een concertrecensie van Marit Larsen van zijn hand!

Nog meer heuglijk nieuws tot besluit: Huize Hiram krijgt er binnenkort een nieuwe bewoner bij, en wát een poepie is het:


Een zwart/wit gestreept Noors boskatertje, dus. U mag drie keer raden hoe wij hem gaan noemen. Het rijmt op Penriz.

Thursday, November 20, 2008

Elbow @ Patronaat

Poehpoeh, wat een drukte weer in die grote zaal; iedereen blijft ook altijd direct daar aan de bar hangen pal voor de enige ingang, nog eentje erbij aan de andere kant zou eigenlijk geen overbodige luxe zijn. Maar goed, vanavond *kuch*een week of twee geleden*kuch* is ook niet zomaar een concertje: Al weken uitverkocht, het gonst in muziekminnend Haarlem, er komt een Grote Band spelen! Elbow dus, de kersverse Mercury Prize winnaars. Ze gaan al een tijdje mee weet ik, maar toch had ik er nog nooit wat van gehoord, en het leek me wel eens leuk om dat zo te laten en dan in zo'n van verwachting uitpuilende zaal te gaan staan. Dat mag echter niet van de crowd controllers, dus zoek ik meteen bij binnenkomst braaf een plekje naast mijn gastenlijstpimp, soort-van-semi-backstage in de dj booth, ook geen straf natuurlijk. Je hebt in ieder geval fantastisch zicht op de band; en zij op jou, de bassist staat me in het begin voor mijn ongemakkelijke gevoel de hele tijd aan te staren met zijn grote ogen vanonder zijn Ne-Yo hoedje. Ik vermoedde op basis van recensies enzo iets in de denkbeeldige Coldplay-Radiohead-Mogwai driehoek, britpop / postrock. Wat ik vergeten was, en wat op het moment dat Guy Garvey begint te zingen onmiddellijk duidelijk wordt: Manchester. Morrissey vooral ook, het accent, de wanhopige wenkbrauwtjes, de manier van de microfoon vasthouden zelfs. The Dears hoor ik er ook wel in zo af en toe, alleen heeft Elbow behalve het donkerromantische aspect toch in de eerste plaats ook veel sympathieke gewone-lelijke-Engelse-jongens relaxedheid; "Is everyboddi still okay?" vraagt Garvey om de twee, drie nummers met een houding en intonatie waarmee hij de lachers steeds weer op zijn hand krijgt. Op een zeker moment gaat de hele band bijelkaar op de keyboard-riser om één microfoon heen staan spelen en later mogen ook nog eens vier radioprijswinnaars een liedje van achtergrondvocalen komen voorzien; het wordt misschien wel iets té gezellig. Ik merk ook dat ik af en toe lichtelijk de kriebels krijg van de hele, dunno, politiek correcte Jools Holland / Matthijs van Nieuwkerk-vibe, maar dat ligt uiteraard meer aan mijn zure onderbuik dan aan de prima band die Elbow zeker wel is. Het optreden resulteert bij mij persoonlijk in ieder geval voornamelijk in instemmend geknik, glimlachjes, lichte ontroering maar geen echte vervoering. Mooi-ig, zogezegd. Toch ook door gebrek aan voorkennis waarschijnlijk, of het feit dat ik niet tussen het enthousiaste ‘klootjesvolk’ sta, misschien ook wel vanwege het qua liedjes nooit te winnen gevecht met de nog vers in het geheugen liggende Ron Sexsmith van de avond ervoor. Tenzij het toch dieper zit… Is mijn smaak langzaam maar zeker, op plotselinge-versmalling-door-jarenlange-vebreding wijze aan het infantiliseren? Ben ik een vluchtige thrillseeker geworden die alleen nog maar bevredigd wordt door platte bulldozerhooks? Ik heb vandaag de dag simpelweg genoeg aan metal, pop en country... als het maar fout & blank is, eigenlijk. Zonder vette hooks, riffs, twang of desnoods maar teringherrie-zonder-meer haak ik redelijk snel af, merk ik; hip en alternatief zijn in mijn boekje haast regelrechte diskwalificaties geworden, terwijl ik net als de meeste liefhebbers van mijn leeftijd toch een groot deel van het vorige decennium vooral naar dit soort bandjes heb geluisterd. Hoort dat niet andersom te gaan? Ook bij Elbow veer ik toch vooral op bij de spaarzame momenten dat de gitarist zijn Jesus & Mary Chain freak on krijgt en de oortjes even lekker gezandstraald worden. In één liedje zitten een paar mooie Talk Talk-achtige ambient aanzwellende strijkerspassages, maar die worden dan weer een beetje lafjes vlug afgekapt, snel verder met het liedje, terwijl ik juist hoop op totaal overrompellende disintegratie.

Maar genoeg over mijn tunnelvisie; Billy! Hoe was het dan in de WATT? Ben erg benieuwd wat een volwassen, weldenkende, Elbow-aanbiddende politiek correcte hipster als jij ervan vond (ik zag een hoop Clismo-lookalikes in het publiek trouwens, kort haar, dik montuur, je weet wel) én welke beroemde Rotterdammers Garvey had gegoogled om zijn betrokkenheid met de stad waarin hij speelde ten toon te spreiden. In Haarlem waren het Loutje Coster, Anthony Fokker, Kenau Hasselaer en Frans Hals. Bij jullie? Coen Moulijn, Kaatje Mossel, Joke Bruijs en Lee “The Loneliness Of A Tower Crane Driver” Towers? Ik hoor het nog wel, zet ik ondertussen die versgelekte nieuwe Britney nog eens op.

Elbow - "The Loneliness Of A Tower Crane Driver" (vul hier zelf uw infantiele "zwellen" + "strijkers" grap in)

Wednesday, September 24, 2008

Lykke Li @ Paradiso

Ik geef de bulldozermeisjes de schuld, maar de laatste tijd word ik nogal moe van 'alternatief'. Neem Lykke Li. Ze is Beth Gibbons (kopje thee op het podium) met street dance moves. Ook een flinke scheut Roísín Murphy dronken nachtvlinder d'r bij, maar toch ook een beetje Scandinavisch bleu. Een blinde kon vanavond merken dat ze pas écht los gaat op de liedjes met een dikke groove, met als hoogtepunt het KRS-ONE intermezzo (whoop-whoop!) in "Complaint Department", kippenvelmomentje voor mij én haarzelf. Maar bijvoorbeeld ook "I'm Good I'm Gone" en sowieso het laatste kwartier van het optreden doen de hoofden z'n best bobben. Eigenlijk een beetje zoals Robyn begin dit jaar, die ook vooral moest hebben van de ferme klappen van live drums met minimale overige begeleiding. Alleen is zij veel verder qua liedjes, performance en écht doen wat je leuk vindt. Kappen dus met die indietronische omfloerstigheden, Lykke, en gewoon lekker gaan funken met een stelletje hippe danceproducers. De laatkomers (stijf uitverkocht) kunnen op 6 december in de herkansing als ze in de grote zaal komt spelen, als ik me de poster goed herinner. Leuk trouwens hoe je in het rookhok van Paradiso recht onder het podium van de bovenzaal staat. Bonkig.

Lykke Li - "Can I Kick It?" (live in London 2008)

Friday, June 13, 2008

Fuck Buttons @ Patronaat

Klinken ook werkelijk al-le-maal hetzelfde, hè, die IJslanders… Van die aangenaam fris wegtikkende neoklassieke danwel postrockende ambient electronica ergens tussen Björk, Sigur Rós en Jóhann Jóhannsson. Strijkers, laptops en verstild neerdwarrelende sneeuwvlokjesnoten, ook Ólafur Arnalds, die mag openen vanavond, weet er wel raad mee. Ik niet altijd, hoor het over het algemeen liever al rondwandelend op de koptelefoon dan in de concertzaal, al heeft zo’n tergend langzaam van de trap stuiterend plastic bekertje ook wel een zeker cachet (ze kunnen er zelf gelukkig ook om lachen). Het is een prettig en precies lang genoeg optreden dat bij mij nochtans niet voortdurend de indruk kan wegnemen dat ik naar met glitches ‘n’ beats opgeleukte muzak sta te luisteren, en daar heb ik bijvoorbeeld bij Jóhannsson meestal geen last van; maar het is eigenlijk ook niet eerlijk om de lat voor de vroege twintiger Arnalds en zijn al even jonge strijkkwartet zo hoog te leggen. Was overigens te laat binnen om het eveneens IJslandse voor-voorprogramma Rokkuro te horen.

Goed, we zijn gekomen voor Fuck Buttons, want noise is natuurlijk bij uitstek wél zeer goed genietbaar in levende lijve. Het Engelse duo heeft bepaalde regionen van de blogosfeer het afgelopen half jaar aardig in lichterlaaie gezet met single “Bright Tomorrow” en langspeler Street Horrrsing, waarop de noise niet overdreven harsh à la Wolf Eyes of Prurient maar bijna dream poppy geserveerd wordt en dat is een mes wat aan twee kanten snijdt. Ik ben altijd ende onvoorwaardelijk vóór hooks, maar het fijne van noise is juist dat je er op een gegeven moment van in the zone kunt geraken, om maar even met Britney te spreken, en daarbij kunnen hooks soms alleen maar in de weg zitten. Aan de andere kant maakt deze aanpak de muziek van Fuck Buttons zeker wat toegankelijker, al is dat aan de opkomst in de kleine zaal niet echt te merken. En ja, ikzelf hoef niet meer middels haken naar binnen getrokken te worden en hoor het eerlijk gezegd sowieso liever ‘gewoon’ hard en compromisloos, maar het optreden pakt al met al toch goed uit, of in ieder geval goed genoeg. De extreme hoog/laag frequenties worden dan wel jammerlijk geschuwd, overweldigend is het bij tijd en wijlen zonder meer. Dynamisch is het soms wat voorspelbaar maar wederom effectief genoeg. Wat me wel een beetje tegenvalt aan de twee Bristolians is de wat aarzelend (nerveuze?) podiumpresentatie en het gebrek aan een echte-echte (licht)show en/of theatrale elementen, waar de muziek zich toch goed voor leent. Wolf Eyes, Amerikaans tenslotte, gaat daarmee soms bijna over the top (is überhaupt in alles veel extremer dan FB, en tja, ‘extremer’ betekent haast automatisch ook ‘beter’ als je het over noise hebt), maar het werkt wel. Na een uurtje is het gedaan, geen toegift, en dat is mij toch wat te kort, ik begin er net een beetje in te komen. The zone, that is.

Thursday, June 5, 2008

Black Mountain @ Melkweg

Bij aanvang van het bijna uitverkochte optreden in de Oude Zaal vertelt Black Mountain zanger/gitarist/bandleider Stephen McBean het publiek dat dit het laatste loodje van de Europese tour is en dat ze ‘stoked’ zijn om na zo’n lange tijd weer in Amsterdam te spelen, maar pas bij de hypnotiserende toegift “Bright Lights” gaan echt alle remmen los (ofschoon, het blijven Canadezen, dus al te freakaristiek wordt het nooit), verandert de ‘k’ in een ‘n’ en de spa blauw in rode wijn, stroboscoopje erbij, goede tijden. Wel jammer dat ik in de volle zaal de verkeerde kant heb gekozen: Een maatje bolderkar vintage houten toetsenbordbakbeest staat vooraan het podium opgesteld en ontneemt mijn zicht op de gehele ritmesectie. Heel veel spectaculairs valt er eigenlijk ook niet te zien, want ja, een klein beetje moe schijnen ze wel toe, de retropsychrockers uit Vancouver. Zangeres Amber Webber, die vorig jaar met mede-BM’er Joshua Wells nog een fijne spacey folk noir plaat uitbracht als Lightning Dust, is niet echt de sprankelende, mysterieuze of anderszinsbegoochelende frontvrouw waar ik op gehoopt had, zeker niet met nog vers in het geheugen het prachtige maar veeels te korte optreden van zielsverwante Jesse Sykes vorige week als opener voor Martha Wainwright (ook geweldig) in Paradiso. Vanavond moeten we het doen met een doorsnee zwijgzaam sikkeneurig maar toch ook wel weer schattig indie-madammeke wiens outfit het midden houdt tussen een slobbertrui en een tank top, als u zich daar iets bij voor kunt stellen. Ondanks dit alles toch welzeker een zéér vet concert; qua tremelozwangere, soms letterlijk schaapachtige zang (dat is een compliment) en tamborijnspel laat Webber immers geen steek vallen, en de rest van de band is ook gewoon erg lekker bezig. De nieuwe plaat In The Future is dan misschien wel wat constanter dan het debuut, onbetwist hoogtepunt van de avond zijn toch duidelijk de rug-aan-rug gespeelde zwaar stonerrockende oudjes “Don’t Run Our Hearts Around” en vooral “Druganaut”. Want. Flagrante stilistische dwalingen in de geschiedenis van de metal: Ze zijn talrijk, zowel muzikaal alsook kledings- en haardrachtsgewijs (en soit, menigeen zal het genre an sich als zodanig wensen af te doen), maar één van de meest pijnlijke/vermakelijke is toch wel funk metal; deze zoals gebruikelijk hilarische post op Metal Inquisition zegt alles. Maar was het nou eigenlijk wel zo’n slecht idee? Stel je voor dat iemand ze in 1989 even had uitgelegd dat ze niet Van Halen met Level 42 moesten combineren, maar Led Zeppelin met Stevie Wonder. Of beter nog, Black Sabbath met The Meters:

Black Mountain - "Druganaut" (live 2008)


Jesse Sykes & The Sweet Hereafter - "Hard Not To Believe" (live 2008)

Wednesday, April 9, 2008

lmnoptt


Natuurlijk vind ik het doodzonde dat Get Records, Boudisque en al die andere platenzaken langzaam maar zeker aan het verdwijnen zijn, maar inmiddels begin ik toch ook wel danig de lol in te zien van het plaatjes scoren via internet. Die cheap ass $ is uiteraard een prettige bijkomstigheid, maar echt leuk wordt het pas als je de goodies bij de artiesten zelf gaat bestellen. Zo ontving ik een week of wat terug een keurig (FRAGILE!) langspeelplaatvormig pakketje uit Chattanooga, Tennessee met daarin een gesealed, handgenummerd (#1,060 van 3,000) exemplaar van Elemen Opee Elpee, de eerste LP van LMNOP uit 1986. Zal waarschijnlijk niet echt bekend in de oren klinken, maar het is toch maar mooi de enige echte nummer acht-en-zestig in John M. Borack's vermaarde lijst van ultieme powerpop albums (voor de liefhebbers, klik & kwijl). LMNOP is het ietwat schimmige éénmansbandje van Stephen M. Fievet aka Don W. Seven aka Marcia L. Lampe aka etc., van wie ik per ommegaande een vriendelijk mailtje ("Thanks and have a great 2008... donw7 ") terugkreeg toen ik de plaat bestelde via zijn website. Fievet schijnt iets van een cultfiguur te zijn in bepaalde kringen, hij is ook striptekenaar, dichter en, blijkbaar reeds sedert 1996, internetmuziekrecensent (van Napalm Death via Anne Murray tot Wynton Marsalis, zo zien we het graag), maar er is verder niet veel terug te vinden over zijn bandje en hemzelf, dus als er iemand is met wat meer info (interview?)... Zoals ik al van de (komt die grap) elemenopeedrietjes wist, is de plaat in ieder geval tamelijk geniale twee-ige powerpop met een fikse britse Buzzcocks cum C86-vibe en een voorzichtig streepje SoCal punkpop. Ik viel ook meteen als een blok voor z'n stem, wat u?

MP3 LMNOP "Tapes"
MP3 LMNOP "Please Believe Me"
MP3 LMNOP "Comparative Analysis"


En de hele plaat staat vol met van zulkse pareltjes... Maar kers op de taart is toch wel die groene US Postal Service sticker op het pakketje. "Kwantiteit en gedetailleerde omschrijving van inhoud: 'plaat'." Een 'kadootje' van de heer S. Fievet. En hij heeft m'n naam nog goed geschreven ook!

Thursday, February 21, 2008

TOP2007! It's A Wrap

1. Lyle Lovett & His Large Band - It's Not Big, It's Large
Klein, Texas
MP3 "All Downhill"

2. Future Of The Left - Curses!
Cardiff, Wales
MP3 Small Bones Small Bodies

3. Alasdair Roberts - The Amber Gatherers
Callender, Scotland
MP3 The Calfless Cow


Zo, klaar :-)

Tuesday, January 22, 2008

TOP2007! #4: The New Pornographers

Vancouver, Canada

4. The New Pornographers – Challengers

Oei, de Pornos slechts op 4, dat is toch zoiets als Gregoor van Dijk die een penalty mist… Mass Romantic, Electric Version en Twin Cinema waren immers onbedreigd plaat van het jaar in 2000, 2003 en 2005 (en wel hierom), en zorgen er nog steeds voor dat Carl Newman en zijn vriendjes bij mij een flinke streep vóór hebben op de rest, ook al is het glas op Challengers maar halfvol. Gelukkig zijn er op deze voor hun doen ingetogen plaat nog steeds een paar glorieuze knock yourself out liedjes rechtstreeks uit het Ministry Of Silly Music te vinden: “My Rights Versus Yours”, “All The Old Showstoppers” (met “Rock Lobster”-orgeltje en subliminaal Close Encounters Of The Third Kind-bliepje), “All The Things That Go To Make Heaven And Earth” en “Mutiny I Promise You”. Verder zijn ook “Failsafe” en “Go Places” (misschien wat minder uitbundig, maar nog steeds) bovengemiddeld goed en de titelsong is een kleurplaat met lijntjes van zang, acoustica en percussie waar je zelf het stompende powerpop arrangement bij mag invullen. Drummer Kurt Dahle is een fijne exponent van de Keith Moon big & stoopid school, zo zag ik hem een paar jaar terug al tijdens de eerste maten van het openingsnummer een drumstok in de lucht gooien en niet opvangen, maar een lól dat’ie had, heerlijk. Wel de lelijkste hoes van het jaar, maar dat geeft niet: Gewoon hard draaien en let the Kate Pierson giddiness take control...

Monday, January 21, 2008

TOP2007! #5: Wilco

Chicago, Illinois

5. Wilco - Sky Blue Sky

Zie hier voor mijn ‘laat-ons-nu-Sky Blue Sky-prijzen’-moment, waaraan ik nog wel even toe wil voegen dat het genoemde concert één van de beste was van het vorige jaar, en wat mij betreft ook een kleine revanche voor het wat minder vervoerende optreden van een jaar of twee terug, al herinner ik me nu weinig details meer, behalve dat ik vlak naast de heerlijk verkoelende rookmachine stage right stond met een mooi uitzicht-van-dichtbij op drummer Glenn Kotche, die een vreemdsoortig doorgeëvolueerde drumstijl bezit waarbij het gevoel de techniek in ergonomisch twijfelachtige exotische oorden gedreven heeft (soms lijkt het wel alsof hij de vogeltjesdans doet) en wiens soloplaat Mobile (2006), een mathematisch percussie-experiment geïnspireerd door Steve Reich, ik na afloop kocht alsmede een dik blitse dubbelvinylen heruitgave van Butch (1997), het avantcountrypunk meesterwerk van The Geraldine Fibbers, wier zangeres Carla Bozulich op zeer indruk-, om niet te zeggen huiveringwekkende wijze (ze speelde niet alleen een snoeiharde cover van Low maar hield ook minutenlang het hoofd van een toeschouwer vast terwijl ze in haar oor 'zong') het voorprogramma verzorgde, uiteraard samen met ex-Fibbers en huidige Wilco gitarist Nels Cline, al jaren een hooglijk gewaardeerde feedbackverfrommelende freejazz-virtuoos zoals bijvoorbeeld te horen op het prachtige New Monastery: A View Into The Music Of Andrew Hill (2006, met nota bene een accordeon in de gelederen) en de schedeldakzandstralende drum/gitaar-explosie Interstellar Space Revisited: The Music Of John Coltrane (1999, met Gregg Bendian), waarmee ik maar wil aangeven dat head honcho en discoliefhebber (ik gebied u in ieder geval deze clip niet over te slaan) Jeff Tweedy, die zelf overigens ook graag van de straat probeert te blijven middels talrijke solo-optredens en schnabbels bij alt.country supergroep Golden Smog (de eerste twee platen zijn, niet in het minst, eerlijk is eerlijk, door opperJayhawk Gary Louris' bijdragen, toppers en men is, inmiddels sans Tweedy, alweer toe aan album nummer vier) en Loose Fur (check zeker hun (Kotche en parttime Wilcoër / Sonic Youther / platenverprutser Jim O’Rourke doen ook mee) vreemd-fijne Born Again In The USA (2006)), wel een neusje heeft voor het uitzoeken van talentvolle begeleiders, een benaming die immers ook bassist John Stirratt en multi-instrumentalist Pat Sansone, samen al drie albums volspelend als The Autumn Defense, bezwaarlijk ontzegd kan worden, ofschoon ik natuurlijk niet zou durven beweren dat toetsenist / audiokunstenaar Mikael Jorgensen (zijn andere bandje heet Pronto) er wél usance van maakt het karretje in de poep te rijden, want zeg nou zelf, is Sky Blue Sky dan niet zo’n zeldzame plaat om in je eentje heerlijk in weg te kruipen, gelijk een klassieke Springsteen van dertig jaar terug, of, om maar weer eens met een variant van het aloude cliché af te sluiten, hun beste sinds Summerteeth?

Friday, January 11, 2008

TOP2007! #7: Jesu

Birmingham, England

7. Jesu - Conqueror

Tja, hoe hogerop de lijst, hoe meer ik in herhaling dreig te vervallen; over Jesu heb ik sowieso al meer dan genoeg neergepend. Moeilijk om er één liedje uit te kiezen, het is echt een plaat om in zijn geheel tot je te nemen, hij klinkt ook nu al als een Klassieker. Gelukkig vond ik er een mooi *kuch*er staan 8 nummers op Conqueror*kuch* plaatje bij ;-)

MP3 "Transfigured"

Thursday, January 3, 2008

TOP2007! #10: Buffalo Tom

Boston, Massachusetts

10. Buffalo Tom – Three Easy Pieces

Jaja, nog meer pubersentiment, 't is hopeloos… Aardig wat favoriete 2007 platen zijn van oude liefdes waarover ik eigenlijk geen ‘objectief’ oordeel kan vellen, de door nostalgie gedreven ontroering zorgt bij voorbaat al voor een nauwelijks meer goed te maken voorsprong op nieuwe bandjes; 'Dinosaur Jr., Jr.' (zoals Buffalo Tom in z’n beginperiode ook wel bekend stond) was de allereerste band die ik in Paradiso zag, om maar eens wat te noemen. Inmiddels (zeg maar, sinds een jaartje of vijftien…) zul je ze trouwens niet meer zo snel verwarren, de autistische noisepopmetal van de één met de dewy-eyed indiemericana van de ander. Want ja hoor’es even, je kunt het me nauwelijks kwalijk nemen ook eigenlijk: Buffalo Tom was altijd al de band van de boomhuizen, krakende veranda’s, kinderlijke onschuld, je reinste Huck Finn nostalgie (check eens de hoezen van hun beste platen Let Me Come Over, Big Red Letter Day en Sleepy Eyed). ”Where’d they go, where are all those golden years?” zingt lonesome Billy Janovitz, de leeftijdsloze kwajongen in “Bottom Of The Rain” met die fijne sneer van ‘m. Ik merk dat ik nog steeds BT boven Dino prefereer, Three Easy Pieces wint het op tranen van Beyond, ofschoon ook die plaat verrassend goed gelukt is, met verloren zoon Lou Barlow die de show steelt in “Back To Your Heart” (deze foto + onderschrift moet trouwens wel even gezien worden: die basgitaar van Lou, die kop van J!). Grappig, tussen (het beeld dat ik heb van) Barlow en Buffalo Tom bassist Chris Colbourn (rechts) heb je eigenlijk wel het indierock-spectrum in een notendop: Hyperactief miskend genie in slobbertrui met een kort lontje tegenover het verfrommelde muurbloempje in slobbertrui met net zoveel mannelijke als vrouwelijke aanbidders (hij kreeg een huwelijksaanzoek uit het publiek vorig jaar in De Melkweg! Janovitz ad rem: "It's legal now in Massachusetts..."). Colbourn schittert op "Renovating" met zijn lieve hoge stem en dito basloopjes, en de going for broke-rifferij meteen na het refrein is ooozooo uit duizenden herkenbaar Buffalo Tom...

MP3 "Renovating"

Monday, December 31, 2007

TOP2007! #16: Rilo Kiley

Las Vegas

16. Rilo Kiley – Under The Blacklight

Mijn persoonlijke grootste verrassing van het jaar, want eerder werk kon me nooit zo boeien; hoogste tijd voor een herkansing dus. Bij een deel van de indie-incrowd hebben ze het dan ook verbruid met deze retrosoftpop-vrijage (probeer je een ménage à trois voor te stellen tussen Fleetwood Mac, Liz Phair en Spargo) maar zulke mooie liedjes (alle elf op één na goed!) ten dienste van Jenny Lewis die zich onverschrokken door de bonte stoet van jangle pop, blue-eyed-soul-met-theremin-solo, faux-disco, alt.country en indierock heenschmiert, ja, dat wil wel hoor. Natuurlijk, de houdbaarheidsdatum moet nog blijken, maar voorlopig blijf ik nog wel even aan het lachen met bijvoorbeeld die overdreven gechokete crash bekkens aan het eind van “The Moneymaker”, en de rehabilitatie van de Miami Sound Machine (om nog maar te zwijgen van de gospelkoor-met-harp bridge) bij wijze van “Dejalo” is mindboggling en onweerstaanbaar:

TOP2007! #18: Laura Veirs

Colorado Springs

18. Laura Veirs – Saltbreakers

Al een paar jaar favoriet bij ons thuis. Fijne eigenwijze drollenstem met bijpassend hoofd.

Sunday, December 30, 2007

TOP2007! #22: Panda Bear

Lissabon, Portugal

22. Panda Bear – Person Pitch

SMiLE meets My Life In The Bush Of Ghosts by way of psychfolktronica, zeg je dan. Hij kakt wat in naar het eind toe, maar dispensatie wordt verleend vanwege het jubelextatische begin van de plaat, dat mij zelfs in een naargeestig winkelcentrum op een druilerige koopavond deed wegzweven met de plots overal opduikende roze-gevleugelde troetelbeertjes om poedersuiker over het winkelpubliek uit te strooien. Overigens net als #20 een soloplaat van een drummer (Noah Lennox van Animal Collective). Phil Collins eat your heart out.

TOP2007! #23: Spoon

Austin, Texas

23. Spoon – Ga Ga Ga Ga Ga

Nee, ’t is qua liedjes niet hun fijnste (ik mis net die echte toppers als een "The Fitted Shirt" of een "I Turn My Camera On", het meest geniale twee-akkoorden liedje ooit), maar toch nog met gemak één van de beste alt.rootsrock platen van het jaar, wat maar aangeeft hoe goed deze band eigenlijk wel niet is. Wannabe-funkster-indierock-minimalisme met een wereldzanger (Britt Daniel's Lennon-sneer is trouwens niet de enige Beatles referentie) voor op de koptelefoon, want dan barst het akoestieke feest van handclaps, sambaballen en vooral het zoals altijd tot in de puntjes verzorgde knisperende tamborijnspel pas echt goed los. Oningewijden beginnen dus echter beter bij Kill The Moonlight of Girls Can't Tell; er aan beginnen is hoe dan ook een must.

MP3 "You Got Yr. Cherry Bomb"

Friday, December 28, 2007

TOP2007! #24: The Besnard Lakes

Downtown Montreal

24. The Besnard Lakes – Are The Dark Horse

Niet zo’n onbeschofte Brian Wilson worship als Panda Bear’s Person Pitch, maar veel scheelt het niet. Wel op een heel andere manier, namelijk met shoegaze-gitaarmuren (verstevigd met de nodige strijkers) en luid rondechoënde opeengestapelde vocalen die niet zelden aan Low (die, by the way, ooit een prachtige cover van “Surfer Girl” hebben gedaan) doen denken. Pathos wordt niet geschuwd, getuige ook de titels van de twee beste liedjes, “Disaster” en “Devastation”.

MP3 "Disaster"

TOP2007! #25: Stars

Ingang van de Metro in Montreal, Canada

25. Stars – In Our Bedroom After The War

"Take Me To The Riot” is één van de handvol onweerstaanbare indie/sophisti/britpop/boy-girlmeezingers op In Our Bedroom After The War. Erg Smiths, erg Belle & Sebastian, erg leuk. Ik had de plaat bijna over het hoofd gezien omdat ik ze verwarde met het veel minder leuke For Stars.

MP3 "Take Me To The Riot"