Monday, July 16, 2007

Uh-oh

Sinds een maandje of wat ben ik weer eens zwaar 'in' David Byrne geraakt. Toen ik een jaar of negen, tien was kwam Stop Making Sense uit en stond "Slippery People" (hoog?) in de top 40. Misschien is dat wel het moment dat ik definitief met het popmuziek / rock 'n roll virus ben besmet. Ophouden met zinnig doen, maar natuurlijk! Jezelf voor je kop slaan: Hoe ben ik hier beland? Hoe dan ook, ik was direct op het ziekelijke af gebiologeerd door de muziek en die rare motorisch gestoorde zanger en dat is eigenlijk nooit meer weggegaan. Mijn oom uit Amsterdam had behalve Stop Making Sense ook Remain In Light, die nog veel vreemder bleek. Wat later kwam Little Creatures uit, vaak als sellout verguisd maar nog steeds mijn op één na lievelings(studio)plaat van Talking Heads. Ondertussen leerde ik op de muziekschool Zuid Amerikaanse percussie spelen en mijn hart maakte een huppeltje toen ik Rei Momo, Uh-Oh en (de Brazil Classics verzamelaar) O Samba hoorde. Na David Byrne afgehaakt, maar wel in de loop der volgende jaren alles ijverig op LP verzameld.
Nu ben ik, min of meer uit het niets, zijn mateloos entertainende journals (en opnieuw de TH bio fa fa fa fa fa fa) gaan lezen en weer volledig in de DB-bizarrowereld gelogeerd. Zijn laatste twee platen blijken fantastisch en hij doet live ook nog eens r&b covers die hem op het lijf lijken geschreven:

David Byrne - I Wanna Dance With Somebody




En dit fragment is werkelijk om te watertanden zo mooi en kort:

David Byrne feat. Arcade Fire & The Extra-Action Marching Band - Crazy In Love (excerpt)




En uh-oh! als dat maar goed komt met dat trouwpak volgend jaar :)

OOR's Top 100 Aller Tijden

Ja, ik ook maar even dan :)

Mijn tien favoriete platen:

1. Hank Williams The Complete Hank Williams (1940-1952)
2. Metallica Master Of Puppets (1986)
3. Slayer Reign In Blood (1986)
4. Nirvana Nevermind (1991)
5. The Louvin Brothers When I Stop Dreaming (1952-1962)
6. The Beatles Revolver (1966)
7. The Posies Frosting On The Beater (1993)
8. Bad Religion Against The Grain (1990)
9. Ramones Rocket To Russia (1977)
10. Gillian Welch Time (The Revelator) (2001)

Een (iets) ander verhaal zijn favoriete artiesten, wat zoiets zou opleveren:

1. Hank Williams
2. The Beatles
3. Talking Heads
4. John Coltrane
5. Metallica
6. The Louvin Brothers
7. Bruce Springsteen
8. AC/DC
9. Led Zeppelin
10. King's X

Want ja, popmuziek gaat toch vooral om liedjes hè; of soms zelfs maar momenten in liedjes. Op bijna elke plaat in m'n top 10 staat wel minstens één toch echt niet zo heel erg bijzonder goed nummer.

Opvallend:
- Vanaf de 1940's is zowaar (zonder voorbedachte rade) elk decennium vertegenwoordigd; okay, een beetje gesmokkeld met die twee compilaties, maar toch.
- Het nog immer hoge Beavis & Butt-head gehalte, veel boerenlullenmuziek.
- Slechts 2 vrouwen.
- Slechts 2 negers (vooruit, 3 als je Clarence meetelt, maar ja dan ook McCoy Tyner, Elvin Jones etc.; 2 dus).
- Wat een onbevredigende bezigheid, zo'n top tien maken; heb je ettelijke duizenden platen in huis, uiteindelijk kom je toch weer aan met die Bietels, Kurt, 'tellica... waar doe ik het eigenlijk nog voor?

En voor wie dacht dat Zep en de Beatles uit elkaar waren? Welnee, ze zijn gewoon gefuseerd in de muziekhemel onder leiding van Phil Lynott...

King's X - Complain

Wednesday, July 11, 2007

¿que?

Via VI.nl:

ADO DEN HAAG SHOPT WEER EENS BIJ FEYENOORD

ADO Den Haag heeft wederom versterking gevonden bij Feyenoord. Mo Hammouti en Rico Kogeldans verlaten de Rotterdamse club en gaan aan de slag bij de club uit de Jupiler League. [...]


Calexico - Minas De Cobra

Monday, July 9, 2007

Get Up From Da Down Stroke

In de extreme metal gaat het van je snel-sneller-snelst. De drummer heeft de plaats van de gitarist overgenomen als de held van de band. Niet echt een positieve ontwikkeling als je 't mij vraagt, maar het levert wel nieuwe gadgets op qua drumtechnieken. In de jaren tachtig maakte vooral het dubbele basdrumwerk van gasten als Dave Lombardo (Slayer) en zijn voormalige drumstelvasthouder Gene Hoglan indruk. Wat later kwamen de blastbeats in zwang, waarbij de handjes de voetjes in snelheid gingen matchen, met doorlopende snare dus in plaats van op de traditionele afterbeat. Persoonlijk vind ik deze voortratelende maalstroom meestal het beste werken als dynamisch wapen, ter afwisseling en intensivering van het reguliere ritme en niet iets om een compleet nummer stug ende tr00 vol te houden; it's blasturbation, I tells ya! In feite is de thrash/polkahuppel van Slayer nog steeds het meest adrenalineverhogend, of ik ben gewoon een ouwe lul, dat kan ook. Aan de andere kant, ik herinner me nog goed hoe ook mijn oneindig veeeeeeeel jongere verloofde bij haar Slayer live ontgroening blij verrast werd door de hoge dansbaarheidsfactor van het gebodene.

Slayer - Reborn



En voor alle fans, Peart, Bonham en Jabba The Hutt in één: Gene Hoglan met Dark Angel ("No One Answers", één van m'n favoriete metalnummers ever)



Maar goed, blastbeats dus. Hier een reguliere variant van één van de pioniers, Pete Sandoval van Morbid Angel. Leuk om eens zo 'kaal' te horen.

Morbid Angel / Pete Sandoval - Dominate (het gaat vooral om de eerste minuut)


Het kan echter nóg sneller. De laatste tijd is namelijk de zogeheten gravity blast (zwaartekrachtroffel, hihi) in de mode geraakt. De truc hierbij is om niet alleen bij de neerwaartse (downstroke) maar ook bij de opwaartse beweging (upstroke) een hit op je snare te plaatsen, daarbij gebruik makend van de metalen (!) rand van je snare. Hier zie je een zweedse blonde mongool (zo zeggen de tags) het voordoen:

The Swedish Gravity Blast



Cool! Ik versta er geen hol van uiteraard, maar wat wel opvalt is dat je blijkbaar met klem wordt verzocht om de meest basale drumtechniek (vanuit je polsen spelen) zsm weer af te leren. Hij kan het zelfs zonder te kijken!

Ter afsluiting van dit blokje lering en vermaak nog even de natte droom van iedere metalhead, Metallica met Dave Lombardo op drums. Larsmans was 'ziek'. Het betreft een optreden op het Download Festival. Go figure...

Metallica feat. Dave Lombardo - Battery (gemiste kans: Op 2:20 de drumbreak van "Angel Of Death" inzetten en er een waarlijk onvergetelijke medley van maken)

Saturday, June 2, 2007

Kinks Of The Stone Age

De deejay in Paradiso* verraste ons vlak voor het weergaloze concert van Wilco blij met "See My Friend" van de Kinks. Die had ik lang niet gehoord en het was een perfecte warming up, een voorzichtig kietelen van lichaam en geest bij wijze van voorspel voor de heftige emoties bij het optreden zelf. Bovendien hoorde ik iets nieuws in het nummer, namelijk dat het zó van Queens Of The Stone Age had kunnen zijn; zozeer zelfs dat ik jatwerk vermoed, al heb ik nog geen specifiek QOTSA-nummer kunnen ophoesten (anyone?; en nee, ik bedoel niet hun "Everybody's Gonna Be Happy" cover). Maar met name het einde van het refrein en de bridge (ondanks dat ene te mooie en dus in deze context misplaatste "I Wanna Hold Your Hand"-mineurakkoordje) zijn bijna eng Homme-ish; pak-m-beet vanaf 1:30 in het filmpje, dat overigens zeer toepasselijk de alt.metal distortion ongevraagd ende gratis toevoegt.
"See My Friend" is als proto-psychpoprock juweeltje trouwens niet alleen een anomalie in het (vroege) oeuvre van de Kinks, maar met zijn releasedatum van 30 juli 1965 bovendien nog ouder dan bijvoorbeeld "Eight Miles High", Revolver en zelfs "Norwegian Wood"; Ray Davies schrijft in zijn biografie dat het geïnspireerd is door zingende Indiase vissers die hij hoorde tijdens een vroege ochtendwandeling. Ook gejat dus, maar wat een tijdloos mooi liedje is dit toch...

* Wellicht geïnspireerd door de met prachtige vintage druipsnor behangen "NO RAIN, NO RAIN!" roadie van Wilco. Vreemd genoeg had hij een Blasphemy t-shirt aan, wat echter nog niet zo vreemd was als het Xasthur shirt van de bassist in het voorprogramma. Maar dit terzijde.

Thursday, May 10, 2007

Breaking News

Ehm...

...tsja.

Het moest er een keer van komen.

Eigenlijk nog best knap dat ik het toch zo'n 25 jaar heb weten te vermijden.

Wat?

Een plaat kopen die ik al heb.

Duh.

Another Another Mother Further, zogezegd.

D'oh!

Vintage clipje van het 'lijdend voorwerp' dan maar...

Mother's Finest @ Rockpalast 1978 (pt. 1 of 4, doorklikken mag!)

Sunday, May 6, 2007

Los Lobos @ Bevrijdingspop

Ondanks dat ik als klein menneke al zwaar werd geïndoctrineerd door vaders platenkast met Neil Young, Poco, Gram Parsons, en Emmylou Harris, zijn Chris Isaak's Forever Blue en Los Lobos' Kiko de platen die mij definitief tot de americana hebben bekeerd halverwege de jaren negentig. In tegenstelling tot Isaak zag ik Los Lobos al een keer of vier in het verleden, steeds in een vol Paradiso en steeds zonder dat ze Hun Grote Hit wensten te spelen, tot woede van de dagjesmensen. Gister op het Bevrijdingspopfestival in de Haarlemmerhout bleek dat ze bij dit soort gelegenheden logischerwijs toch de beroerdste niet zijn en sloten ze gewoon af met "La Bamba", al konden ze het toch niet laten om halverwege fijn over te schakelen op de nu volgende kraker uit een ver verleden; check it out, de vólle 1:38 min. inclusief aankondiging van Ed Sullivan, en met speciale aandacht voor de double twirl van übercoole (die kóp!) drummer Dino Danelli, die, zoals dat ging in de sixties, zijn bekkens soms reuze stijlvol op horizontale wijze beroert:

The Young Rascals - "Good Lovin'"



Wow, zo zie je ze niet meer hedentendage...

Los Lobos speelde verder, zoals gebruikelijk, een zeer afwisselende set van hoog nivo, met veel uptempo feelgood spul ("Come On Let's Go", "I Got Loaded", "Don't Worry Baby", "One Time, One Night"), een stel vrij 'obscure' persoonlijke favorieten ("Mas Y Mas", "Maricela", "Good Morning Aztlán"), twee... uhm... 'Rowwen Hèze covers' (polonaise, jawel!) en "What's Goin' On?" met gastzanger Paul Carrack, waarbij Cesar Rosas liet horen dat zijn stem werkelijk gemáákt is voor de "Brother!"-achtergrondvocalen. Verder viel op dat David Hidalgo langzaam maar zeker zijn mooie hoge stem aan de ouderdom aan het prijsgeven is (al werd het beter op het eind, misschien moest'ie gewoon even warmzingen, hoop doet leven) en dat ze eindelijk (zo bleek al na twee maten, wat een verschil!) een goede drummer hebben gevonden, en 't is nog een zwaargewicht latino ook :) Het blijft een klein mirakel en een ongekend genot, zo'n band die achteloos heen en weer stuitert tussen om 't even welke variant van 'latin' (mexicaans en cubaans), country, rockabilly, soul, blues, texmex, R&B, avantgarde (Colossal Head!), fifties/sixties nostalgie, hardrock en americana. Aaayayayyy!

Los Lobos / Rowwen Hèze - "Anselma / Bestel Mar"

Wednesday, April 25, 2007

Here, there & everywhere

Drukke tijden in Huize Hiram, even snel een rondje langs de velden dan maar…

Chris Isaak @ Paradiso 11 april

Daar staat ‘ie dan eindelijk in z’n lichtblauwe Vegas glitterpak, zowel fysiek als vocaal buitengewoon goed geconserveerd. De deels ingestudeerde praatjes tussendoor verraden z’n thespische achtergrond en zijn erg vermakelijk en sympathiek. Uitmuntende keuze van covers: Cheap Trick, James Brown, Johnny Cash en uiteraard The Big O. Mooi akoestisch blokje halverwege met persoonlijke favorieten als “Forever Blue”, “Except The New Girl” en “Two Hearts”, waarbij Isaak wel laat horen geen al te beste gitarist te zijn. De toegift is magistraal met het coole lichteffect op zijn spiegeltjespak en Paradiso’s discobal bij de openingszin van “Blue Hotel”, kippenvel! Jammer dat hij er als uitsmijter niet even “Diddley Daddy” tegenaan gooit, maar ach, het oversteeg hoe dan ook al mijn verwachtingen.

Chris Isaak @ Manchester Academy 2 13 april

Daar staat ‘ie dan weer, nu in een roze Vegas glitterpak. En ik ook, twee keer Chris Isaak in drie dagen, would you believe it! Na veel vijven en zessen hebben we, vers aangekomen in Manchester, kaartjes bemachtigd en het zeer goed verstopte tijdelijke concertzaaltje gevonden op Oxford Road. Bijna dezelfde show (Buddy Holly cover ipv Johnny Cash), al blijkt Isaak wel een geweldig vermogen tot improviseren te bezitten: Een haperende mic zorgt voor prachtige slapstick, twee zeer jonge fans worden voortdurend door Isaak bij de show betrokken en zijn “Are you a professional dancer?”-grap knalt enigzins in z’n gezicht uiteen als de ondervraagde dame een heuse paaldanseres blijkt te zijn (dit in tegenstelling tot de juridische assistente in Paradiso, verschil moet er zijn). Onvergetelijk avondje weer, kortom.

Hiram Sr. & Jr. @ The Cavern 15 april

Coverbandjes in het geboortehol van The Fab 4, die grappig genoeg allemaal als een andere band klinken: Achtereenvolgens Elvis Costello, Arctic Monkeys en The Hives doen The Beatles, en gelukkig ook nog wat ander 60s en classic (hard)rock spul. De jonge honden bandjes zijn het leukst, het publiek een gezellige mix van toeristen & Scousers, en Hiram & vader konden zich uiteindelijk maar met moeite naar de laatste trein naar Manchester slepen. Cheers!

My Dying Bride @ Paradiso 20 april

Voor het eerst sinds tijden weer eens together alone met mijn lief naar een concertje! Paradiso is natuurlijk gemáákt voor MDB, maar het begint enigzins stroef en sombermans Stainthorpe is ook nog even op zoek naar de juiste noten op zijn klaagzang. Helaas ook maar twee nummers van de bloedmooie laatste plaat, maar tegen het eind gaat het welzeker los en wapperen onze haren als vanouds synchroon in slomo. Toch niet zo indrukwekkend als de vorige keer in het Patronaat.

Blue Highways 8 @ Vredenburg 21 april

Toch wel opvallend minder druk van voorgaande edities, deze laatste Blue Highways in het oude Vredenburg. Wel weer zoals gebruikelijk veel moois, zowel on- als bekend. Diana Jones is qua verschijning en muziek bijna een karikatuur van Gillian Welch: 19e eeuwsche liedjens over opa & oma, de dood en mijnrampen, een Dave Rawlings op mandoline, mantelpakje met kistjes eronder, stukje a-capella, microfoonloze toegift, allemaal uit het boekje. Het enige ‘probleem’ is haar stem, die teveel coffee & cream en te weinig koud, hard, blauwblinkend staal is voor dit soort old timey hillbilly. De ontroering wordt overigens niet weinig geholpen door haar van trots glimmende broer die naast ons op de tribune zit. Vervolgens wordt de kleine zaal uiteen gereten door Jesse Dayton en zijn Road Kings. Tjonge, ik was toch even vergeten hoe ongenadig begenadigd deze Texaan kan zingen, gitaarspelen en liedjesschrijven. Licht beschonken en vuil gebekt geeft hij het toch altijd wel wat suf aandoende americanagebeuren een fikse schup onder de kont en de doghouse bassist heeft nog een Morbid Angel t-shirt aan ook. SUFFER! Joe Ely is werkelijk prachtig in de grote zaal, maar de logistiek dwingt ons om reeds om half tien af te taaien. Jammer, en we missen vervolgens alsnog de trein…

SunnO))) @ 013 22 april

Ook bij dit minidronefestivalletje in Tilburg weer te laat in da house en tot overmaat van ramp blijkt niet Fear Falls Burning (een nogal saai Belgisch eenmansding) maar het Duitse avantgardejazzdronecultgezelschap Bohren & Der Club Of Gore al halverwege hun set te zijn. De amper drie nummers die ik nog wel hoor zijn erg hard, traag en mooi, en hebben met sax een hoog Badalamenti gehalte; spijt dat ik geen ceedeetje heb gekocht. SunnO))) heeft deze keer blackmetallegende Attila Csihar meegebracht als gastzanger en hij steelt de show aan het begin en einde van het optreden met zijn demonische gekrijs vanonder zijn rode kap. Daartussenin is het toch wel wat plichtmatig wat Zij Die Van Eierstokken Sambaballen Maken laten horen en verslapt de aandacht af en toe wat. Dat zijn ook de momenten waarop je in gedachten Graham Chapman het podium op ziet komen: “Right, stop it, too silly!” Het maakt overigens allemaal wel benieuwd naar de volgende stap die O’Malley & Anderson gaan maken, want er zal toch iets moeten gebeuren met de beproefde Sunn-formule om het nog interessant te houden op toekomstige platen. Het lijkt me de heren wel toevertrouwd, eerlijk gezegd.

Tuesday, April 10, 2007

TOP2006! #1: Anaal Nathrakh - Eschaton

Jaja, ik ben er ook niet trots op om steeds maar weer die ranzige bandnaam (vanaf nu afgekort als AN) te moeten blijven droppen, maar we kunnen er niet onderuit: Eschaton was met een straatlengte verschil het beste van het afgelopen jaar, waarin ik overigens maar weinig platen hoorde die van begin tot eind top zijn. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik vind het misschien zelfs wel de beste metalplaat sinds de oerknal van 1986. En dat terwijl ik na het licht tegenvallende Domine Non Es Dignus toch eerlijk gezegd dacht dat AN zijn fifteen minutes of fame al had opgebruikt met "Pandemonic Hyperblast" en het als een nachtkaars zou uitgaan. Niet dus. Op Eschaton presteren de manne het onmogelijke door tegelijkertijd toegankelijker én extremer te klinken dan ooit tevoren en dat nota bene door zo'n beetje iedere denkbare vorm van metal te gebruiken om tot dit resultaat te komen, de 'post industrial black metal'-pigeonhole ver voorbij.

Een paar jaar terug schreef ik een ingezonden brief naar de Volkskrant naar aanleiding van een recensie van een concert van Slayer, Slipknot en Mastodon, waarin werd gesteld dat het maar niet wilde lukken om de metal nog verder te ontwikkelen of bij een breder publiek te laten aanslaan en dat Slayer na twintig jaar eigenlijk nog steeds onbedreigd In Bloed Regeert. Ik riposteerde dat men de al dan niet bewuste toenadering tussen extreme metal en avantgarde noise over het hoofd zag en halfgrappend droeg ik de dienstdoende recensent (die me overigens alleraardigst een zeer uitgebreide mail terugstuurde) op dan toch maar eens AN uit te checken. Inmiddels zijn we een jaar of drie verder en is metal hipper dan hip bij de 'serieuze muziekliefhebber' (met name de meer avontuurlijke doom/drone en black metal; zie ook Pelican) en hebben de drie 'gezaghebbende' indie webzines Pitchfork, Popmatters en Stylus allemaal een regelmatig terugkerende metalcolumn. Ha!

En nu blijkt dus zelfs dat mijn AN-tip een gelukkig schot in de roos was. Eschaton is een nauwelijks aflatende adrenaline kick, de eerste vijf nummers zijn werkelijk ongekend intens en doen het kippenvel over m'n hele lijf gieren (het blijft raadselachtig hoe je van zulke extreme herrie onbedaarlijk gelukzalig aan het janken kan slaan). Pas in het af en toe Voivodiaans aandoende "The Yellow King" gaat de voet enigzins van het gaspedaal, waarna het direct weer volle kracht vooruit is met hoogtepunt "When The Lion Devours Both Dragon & Child", het ultieme bewijs dat AN echt alles aankan, want zelfs een nu-metal riff blijkt de massavernietiging uitstekend van dienst te kunnen zijn. Lekker over-the-top power metal refreintje, fijne grind-stomp, black, thrash, het kan niet op. Zelden ook zo'n terechte Celtic Frost-style "UUOOAARRGH" gehoord, een vaak misbruikt metalcliché, maar hier moet hij echt, bij weer zo'n achterlijke catchy breakdown (op 3:44, prachtig 'een maatje te vroeg' getimed). Na dit nummer slaat zelfs de old school AN schrijnende black metal exercitie "The Necrogeddon" enigzins dood. Attila Csihar van Mayhem steekt een handje toe bij de doodenge, van gabberluchtalarm vergeven afsluiter "Regression To The Mean".

Maar de pièce de résistance is wat mij betreft toch "The Destroying Angel". Allereerst wordt het zaakje even geprogrammeerd op de totale vernietiging van het universum, vervolgens een AN-by-the-numbers openingszet (zo één waarvoor elke andere band een moord zou doen) en dan die ijzingwekkend krioelende sub-death metal rumbleriff, afgemaakt door de naar het schijnt uit Blackadder afkomstige "Kill EVERYBODY in the WHOLE WORLD, hahaha!"-sample (metal zonder humor is immers meestal niet leuk en als het er niet inzit, moet je het er gewoon zelf bijdenken, natuurlijk). Het 'refrein' is woordenloos gekrijs, briljant in z'n eenvoud en fantastisch uitgevoerd door Dave Hunt. Ook hier weer even aandacht voor het detail graag: De drumbreak vlak vóór en dan vooral het inkomen met 'de snare op de één' bij het begin van het tweede couplet is werkelijk geniaal. Het is mij overigens nog steeds niet duidelijk of ze een drumcomputer gebruiken of niet. Ik ben geneigd te denken van niet, daarvoor sissen mij de bekkens net iets te ongecontroleerd.

Bovendien zag ik gisteren op het No Mercy festival in 013 'verdachte #1' (want drummer van het eveneens uit Birmingham afkomstige Napalm Death) Danny Herrara spelen en die kan dit wel aan, me dunkt. Aan de andere kant, even later in de kleine zaal deed AN het verrassend genoeg toch met een andere drummer; maar die had dan wel weer een bomvet Darkthrone shirt aan. Ze waren volgens mij behoorlijk zenuwachtig (Dave Hunt passeerde me twee minuten voor showtime met een volle pint en voor hij het podium beklom was deze al achterover getikt); het was tenslotte ook pas hun vijfde optreden ooit, maar ze brachten het er prima vanaf. Van de ijle hoogten van Eschaton blijft live natuurlijk weinig over, maar het vloog in ieder geval niet reddeloos uit de bocht en ze speelden in een halfuurtje bijna alle 'klassiekers' (uitsmijter was "Pandemonic Hyperblast", uiteraard) en de zaal was boven verwachting enthousiast, al hoorde ik achter mij een dame in vet Tilllllburigs accent zeggen: "Okeej, moar dè is toch gin mziek mìr?" De korstige UK grindpunks stalen sowieso de show op het festival, eerst Napalm Death in de grote zaal, daarna Extreme Noise Terror en tenslotte (er is immers maar één overtreffende trap van extreme noise terror) Anaal Nathrakh in de kleine. Hun down to earth podiumpresentatie contrasteerde leuk met die van 'traditionele' langharige death metallers als The Monolith Death Cult, Behemoth en Obituary, die overigens wel allemaal overtuigden, al vond ik met name de wat puntigere attack (waardoor het niet allemaal in 'laag' verzoop) van de Engelse lads een pré.

Grootste pluspunt van de week is toch wel dat mijn trommelvliezen zowel Wolf Eyes als Anaal Nathrakh hebben doorstaan en ik morgen na jaren wachten en hopen eindelijk één van m'n all-time heroes, Chris Isaak kan gaan zien, en horen!

Pelican @ Patronaat

Opeens wist ik het: Karma To Burn, maar dan lief in plaats van ranzig! Dat had ik er op plaat nog niet aan afgehoord (zeker niet op The Fire In Our Throats Will Beckon The Thaw; de nieuwe City Of Echoes is een grote sprong voorwaarts, wat een prachtplaat is dat). Pelican is immers zo'n beetje de vleesgeworden hipster metal, het label dat de pers heeft bedacht voor de plotse populariteit van metal onder het hippe alternatieve volk. Mijn idee is dat de 90s grunge muzikaal te dicht tegen metal aanschrukte om het als zelfstandig genre te kunnen laten bestaan voor de all-round muziekliefhebber. Nu is de alternatieve gitaarmuziek weer meer hoekig, trashy (met één h) en 80s, waarvoor metal dan weer een mooi tegenwicht is voor weemoedige dertigers (die vaak ooit 'begonnen' als metalhead eind jaren tachtig). Anyway, het leuke van Pelican is dat ze als één van de weinigen ook echt muzikale invloeden uit de indie meebrengen naar hun instrumentale NeurIsis post-metal, namelijk van die onbeschaamd lieve melodieën en akkoordenreeksen, een beetje à la pak-'m-beet Sebadoh, Pixies, Sonic Youth. Verder zien ze er ook lekker nerdy uit, niet van die volgetattooëerde bronstige grizzlyberen als Mastodon. Maar zoals gezegd, live gaat het dus desalniettemin wel degelijk zwaar van beukenstein, ideale headbangmuziek, waarbij de tension & release-tactiek onbewust (?) geholpen wordt door de bepaald niet tempovaste drummer, waardoor met name de divebomb overgangen naar slow, deep & hard extra vet worden aangezet. Daar tussendoor schuren de twee gitaren verleidelijk en dissonant langs elkaar heen, als een Thin Lizzy zonder stemapparaat. Maar wat een nette jongens: Ze komen na de toegift keurig terug het podium op om on the count of three synchroon hun nog heftig na-feedbackende amps zelf uit te zetten!

(Voorprogramma These Arms Are Snakes had ik vooraf als emo ingeschat, maar het bleek matige post-hard-/mathcore van de minder extreme variant met een Zach De La Rage Against The Machine-soundalike op vocalen. Vuistregel: Als de drummer de ster van je bandje is, dan klopt er iets niet. Riffs moet je hebben jongens, memorabele riffs. Tot vijf tellen kunnen we allemaal.)

The Redneck Motörhead. Grootsche Band:
Karma To Burn - "28"



Ook geen kattenpis:
Pelican - "Bliss In Concrete"